Kun je nog aan iemands kleding zien wie hij is?

Waarom mode steeds minder over subculturen gaat en steeds meer over persoonlijke smaak.

Er was een tijd dat je iemand in één oogopslag kon plaatsen. Een leren jack vertelde iets anders dan een oversized hoodie. Loafers hoorden bij een andere wereld dan Vans, een punk zag eruit als een punk en een skater als een skater. Kleding was een taal. Wie goed keek, wist ongeveer welke muziek iemand luisterde, waar hij zijn zaterdagavond doorbracht en bij welke groep hij wilde horen. maar die taal wordt steeds moeilijker te lezen.

Van stam naar stijlmix

Tot ver in de jaren negentig waren subculturen behoorlijk overzichtelijk. Punkers, skaters, gabbers, kakkers, goths, hiphoppers of indies; iedere groep had zijn eigen uniform. Dat uniform was niet alleen een stijlkeuze, maar ook een vorm van herkenning. Je liet ermee zien bij wie je hoorde.

Internet heeft die grenzen langzaam laten verdwijnen. Muziek werd onbeperkt beschikbaar, mode evenzeer. Je hoefde niet langer in zo’n groep te leven om je erdoor te laten inspireren. Een skater kon ineens naar jazz luisteren, een metalfan droeg sneakers en een liefhebber van klassieke herenkleding combineerde dat met vintage denim. Stijl werd persoonlijker dan ooit.

Iedereen draagt alles tegelijk

Daarom voelt mode soms zo moeilijk te lezen. Een cargobroek wordt gecombineerd met een colbert, loafers met sportsokken, een rugbyshirt met een pantalon en een vintage leren jack met hardloopschoenen. Waar zulke combinaties vroeger als ‘fout’ zouden zijn gezien, zijn ze nu juist interessant.

Waar zulke combinaties vroeger als ‘fout’ zouden zijn gezien, zijn ze nu juist interessant

Sterker nog: jonge generaties lijken er bewust plezier in te hebben om kledingstukken uit totaal verschillende werelden met elkaar te combineren. Niet omdat ze bij een subcultuur willen horen, maar juist omdat ze zich niet meer willen laten vastpinnen op één identiteit.

De generatie zonder uniform

Social media heeft dat proces alleen maar versneld. Via TikTok en Instagram verschijnen dagelijks duizenden stijlen voorbij. Van Japanese Americana tot gorpcore, van quiet luxury tot blokecore en Y2K. De houdbaarheid van zo’n trend is soms nog geen paar maanden. Wat zeg ik: een paar weken. Of nee: een paar dagen!

Het gevolg is dat veel jongeren zich niet meer volgens één stijl kleden, maar per dag, per stemming of zelfs per gelegenheid wisselen van esthetiek. Juist daardoor wordt het steeds lastiger om iemand aan zijn kleding te ‘lezen’.

Maar is dat een probleem?

Misschien is het vooral een teken van de tijd. Waar kleding vroeger liet zien bij welke groep je hoorde, draait mode tegenwoordig veel meer om individuele expressie. Je hoeft niet langer punk, preppy of skater te zijn om elementen uit die stijlen te dragen.

Dat betekent niet dat kleding niets meer zegt. Integendeel. Alleen vertelt ze tegenwoordig een ander verhaal. Minder over de groep waarbij je wilt horen, meer over de persoon die je op dat moment wilt zijn. Je zou dat kunnen zien als de grootste luxe van de moderne garderobe: dat je vandaag een loafer draagt, morgen een sneaker en overmorgen een cowboylaars, zonder dat iemand zich afvraagt bij welke stam je eigenlijk hoort.